‘Een financiële reus, een politieke puber en een militaire dwerg’: Knot en De Hoop Scheffer over de staat van Europa
Het Financieel Netwerk Twente vierde op 11 juni zijn 15-jarig bestaan met twee zwaargewichten op het podium: oud-NAVO-chef Jaap de Hoop Scheffer en oud-DNB-president Klaas Knot. Voor een volle zaal in Het Wapen van Hengelo schetsten zij – de een vanuit de geopolitiek, de ander vanuit de economie – een verontrustend maar uiteindelijk hoopvol beeld van een wereld in beweging.
Voordat de eerste spreker het woord nam, werd er volop genetwerkt. Met een broodje, een kop koffie of een biertje in de hand troffen Twentse CFO’s en financiële professionals elkaar in hun vertrouwde milieu, tussen bekende gezichten uit het regionale bedrijfsleven en de landelijke politiek – in afwachting van de wereldpolitiek de zaal binnen zou komen.
Vijftien jaar geleden opgericht om financiële professionals in Twente te verbinden, koos Financieel Netwerk Twente (FNT) voor zijn jubileum een avond met allure. Voorzitter Maarten Sanders haalde herinneringen op aan de eerste bijeenkomsten – de allereerste bij Grolsch – en gaf het woord aan gespreksleider Jeroen Broekema (Leaders in Finance).
De timing was wrang actueel: diezelfde middag had de Europese Centrale Bank de rente met 25 basispunten verhoogd, terwijl de Amerikaanse president dreigde Iran hard te treffen. “Hoe actueel kan het thema zijn”, merkte Broekema op.
Geopolitiek sluipt de boardroom binnen
De Hoop Scheffer beet het spits af en relativeerde meteen zijn reputatie als scherp analist. “Te veel bijzinnen, papa”, had zijn oudste dochter geoordeeld over zijn televisieoptredens. Zijn boodschap was er niet minder scherp om: geopolitiek laat zich niet langer scheiden van het bedrijfsleven. “Geopolitiek, geo-economie, is jullie boardroom binnengeslopen”, hield hij de financiële professionals voor.
Hij wees op Heineken, dat in de problemen kwam over de vraag of het in Rusland nog een biermerk mocht maken: sancties en boycots zijn wapens geworden.

Over Europa was hij onverbloemd. “We zijn een financiële en economische reus, een politieke puber en een militaire dwerg” – een werelddeel zonder eigen cloud of geavanceerde chips, dat zijn veiligheid decennialang door de Verenigde Staten liet verzorgen. Dat verwijt richtte hij vooral aan zichzelf en zijn generatie: goedkoop Russisch gas en een gretige Chinese afzetmarkt maakten Europa gemakzuchtig. “Kortom, we waren lui en we waren zelfgenoegzaam”, zei hij.
Hij herinnerde zich hoe hij bondskanselier Merkel waarschuwde dat de gaspijplijn Nord Stream een geopolitiek wapen was. “Nein, lieber Jaap, das ist ganz verkehrt – dat is een puur economisch project”, kreeg hij terug. Zijn les voor nu was onomwonden: “Wij moeten de taal van de macht spreken.”
Concreet kan Europa zichzelf voorlopig niet verdedigen, erkende hij ronduit. “Dat kunnen we niet, dat kunnen we nog niet.” En de oud-NAVO-chef verwacht dat die zwakte op de proef wordt gesteld: “Poetin zou Poetin niet zijn als hij niet op een bepaald moment de NAVO eens zou testen.” Drones die nu al in Roemenië neervallen, ziet hij als een eerste teken.
De afstand tot het dagelijks leven liet hij dichter bij huis zien. Een Haagse Montessorischool die hem uitnodigde, vroeg of hij het woord “oorlog” niet te vaak wilde gebruiken – anders zouden de ouders bellen. En toen Poetin opnieuw met kernwapens dreigde, vroeg zijn jongste dochter of hij haar vriendinnengroep eens kon uitleggen wat een kernwapen eigenlijk is.
Zijn waarschuwingen putten uit eigen ervaring. De Hoop Scheffer sprak Poetin in zijn jaren als minister en NAVO-chef meermaals van nabij. “Ukraine is just a territory and the territory is Russian”, hoorde hij hem talloze malen zeggen. Hoezeer het klimaat sindsdien is omgeslagen, bleek uit hun eerste ontmoeting in 2003: “Ieder land moet zijn eigen toekomst kunnen kiezen”, luidde toen het gezamenlijke communiqué. Oekraïne moet daarom gesteund blijven, vindt hij, en uiteindelijk toetreden tot de Europese Unie.
Voordat hij plaatsmaakte voor Knot, bleek De Hoop Scheffer een band met de streek te hebben. Op Broekema’s vraag “hebt u iets met Twente?” vertelde hij verwant te zijn aan de textielfamilie Van Heek en jaren in de internationale adviesraad van het Almelose Ten Cate te hebben gezeten.
Van het zwarte gat naar de productiviteitskloof
Klaas Knot, 5.114 dagen president van De Nederlandsche Bank, begon ontwapenend over het leven ná die functie. Broekema schetste hem als een Groningse calvinist die pas naar huis gaat als hij het maximale uit zijn dag heeft gehaald, en bovendien als liefhebber van de Rolling Stones en Quentin Tarantino.
“Het zwarte gat, dat bestaat”, vertelde Knot; van de ene op de andere dag stopte de telefoon met rinkelen. Inhoudelijk sloot hij naadloos aan op De Hoop Scheffer, met een citaat van Benjamin Franklin: “Hang together, or most assuredly we will all hang individually.”
Als econoom bracht Knot het terug tot één woord: productiviteit. Met een vergrijzende beroepsbevolking is dat de enige bron van nieuwe welvaart, en de groei ervan moet verdrievoudigen – van zo’n 0,5% naar 1,5 à 2% per jaar – alleen al om de verzorgingsstaat overeind te houden. De sleutel ligt volgens hem in een Europa dat eindelijk één markt wordt.
“De interne markt bestaat vooral op papier”, stelde hij: de verborgen belemmeringen tussen lidstaten werken als invoerheffingen van 67% op goederen en 95% op diensten, een veelvoud van wat Trump aan de buitengrens oplegt. Daar hoort onlosmakelijk een echte kapitaalmarkt bij. Nu vertrekken veelbelovende scale-ups naar de Verenigde Staten omdat het kapitaal daar zit, terwijl Europese spaarders hun geld op de bank laten staan – het Nederlandse pensioenstelsel noemde hij een gunstige uitzondering.

Het scherpst werd hij over strategische afhankelijkheid. Pinnen voelt als een door en door Nederlands product, zei hij, maar de afwikkeling loopt via Mastercard en Visa: ruim 70% van alle betalingen in Nederland wordt door Amerikaanse partijen verwerkt. In een wereld waarin kwetsbaarheden worden uitgebuit, kan dat niet langer. “Je kunt je geen kwetsbaarheden meer veroorloven”, waarschuwde hij.
Onvermijdelijk peilde Broekema ook Knots eigen ambities. Knot geldt als gedoodverfde kandidaat om ECB-president Christine Lagarde op te volgen; sprak de zaal hier dus met de volgende ECB-baas? Knot hield de boot af: “Ik maak me niet druk over vacatures die er nog niet zijn.” Gevraagd of hij het ambt zou willen, ontkende hij zijn interesse allerminst.
Geen vrienden, wel gedeelde belangen
Na de koffie bleken de diplomaat en de econoom het opvallend eens. Beiden vinden dat Europa zijn defensie samen moet optuigen; die is nu een lappendeken, aldus De Hoop Scheffer. Het verschil zat in de financiering: De Hoop Scheffer zou voor zo’n gezamenlijke inspanning tijdelijk willen lenen, terwijl Knot – behoedzaam als centraal bankier – het liever niet met nieuwe schuld financierde; voor de gezonde Nederlandse overheidsfinanciën zou dat overigens geen man overboord zijn, merkte hij op.
Dat de stemming is gekanteld, onderstreepte Knot met een cijfer: inmiddels steunt 85% van de Nederlanders gezamenlijk lenen voor defensie. “Een enorme mentaliteitsshift”, noemde hij dat.
Samenwerking is voor Knot geen kwestie van vriendschap. “Landen hebben geen vrienden, ze hebben alleen gedeelde belangen.” Hij haalde Jean-Claude Juncker aan: “Europa bestaat uit kleine landen en landen die nog niet doorhebben dat ze klein zijn.”
De zaal bracht de grote thema’s terug naar Twente. Een CFO wier bedrijf fotonische chips verpakt – een technologie die in het rapport-Wennink met naam wordt genoemd – vertelde hoe haar groeiende onderneming vastloopt op subsidiebureaucratie. Het was precies de knelpunteneconomie die Knot beschreef: een vastzittend stroomnet, stikstof, een krappe woningmarkt en stapelende vergunningen die de groei remmen.
Toch hoop, vooral bij de volgende generatie
Somber was de avond niet. Voor het eerst, zei De Hoop Scheffer, komt er meer techtalent van de VS naar Europa dan andersom; Knot wees erop dat Amerikaanse studenten nu vechten om een plek aan Europese universiteiten. Vooral de jongere generatie stemt hem hoopvol: “Die is helemaal niet meer bezig met grenzen en nationaliteiten.”
Zo kwamen twee verhalen, vanuit de diplomatie en de economie, op hetzelfde punt uit: de toekomst ligt in méér Europa, en de tijd dringt. Knot vatte het samen in één zin: “Er is geen beter continent om als baby geboren te worden dan Europa.”

