UBS schikt voor €5 miljoen voor zwartspaarhulp Credit Suisse
UBS betaalt €5 miljoen aan het Openbaar Ministerie voor de rol van Credit Suisse bij zwartsparen. De Zwitserse bank, in 2023 door UBS overgenomen, hielp zo’n 2.000 Nederlanders hun vermogen buiten het zicht van de fiscus te houden. Met de schikking is de strafzaak afgedaan.
Post die de bank vasthield in plaats van doorstuurde, rekeningen zonder naam en klanten die zich met een codenaam meldden: met dat soort constructies hielp Credit Suisse jarenlang Nederlanders hun geld voor de fiscus verborgen te houden.
De private bank opende rekeningen op nummer en hielp bij het opzetten van vennootschappen in landen die geen fiscale gegevens met Nederland uitwisselen. Zo bleef het vermogen buiten het zicht van de Belastingdienst.
Het Openbaar Ministerie kwam de zaak op het spoor via een onderzoek van de Fiod, dat in 2016 begon. Daaruit bleek dat de dienstverlening van de bank bijdroeg aan onjuiste belastingaangiften. Het belastingnadeel voor de Nederlandse schatkist raamt de Fiod op €90 miljoen.
Van vierduizend klanten naar twaalf zaken
Credit Suisse bediende ruim 4.000 Nederlandse klanten, van wie de helft vermogen voor de fiscus verborg. Om de boeteprocedure efficiënt af te handelen beperkte het OM het strafrechtelijk onderzoek tot 12 personen en 80 onjuiste belastingaangiften uit de periode 2005 tot 2015.
De naheffingen die de Belastingdienst de betrokken spaarders oplegde, verhoogd met boetes, zijn inmiddels afgedaan. Meer klanten hadden een onjuiste aangifte gedaan, maar het OM koos ervoor het onderzoek tot deze groep te beperken.
De kans op herhaling acht het OM klein. Credit Suisse heeft zijn procedures aangescherpt en valt sinds enkele jaren onder UBS. “Dit maakt de weg vrij voor een transactie”, meldde het OM dinsdag 22 september.
Commissie noemde het bedrag te laag
Aan die transactie ging een lang traject vooraf. De Toetsingscommissie Hoge Transacties (CHT), die als onafhankelijke instantie schikkingen van het OM beoordeelt, was het aanvankelijk oneens met het voorstel. In een eerste analyse uit 2024 noemde de commissie €5 miljoen veel te laag en achtte zij een tien keer hogere boete realistischer.
“Het bedrag aan genoten vergoedingen door Credit Suisse moet vele malen de €5 miljoen overtreffen”, schreef de CHT. De commissie was ook kritisch over de houding van de Zwitsers, die volgens haar onvoldoende hadden meegewerkt aan het onderzoek – “een contra-indicatie voor matiging van het transactiebedrag”.
Dit jaar volgde een tweede hoorzitting. Daaruit bleek dat Credit Suisse aanzienlijk minder aan de zwartspaarpraktijk had verdiend dan eerder berekend, waarna de commissie haar analyse bijstelde tot een positief advies.
Dat de verdiensten laag uitvielen, hangt samen met de ondergang van de bank. De 167 jaar oude hoeksteen van het Zwitserse bankwezen bezweek in 2023 na een reeks schandalen en een bankrun, waarna de Zwitserse toezichthouder UBS aanwees als overnemende partij. Volgens het OM is het voordeel dat Credit Suisse met de dienstverlening behaalde daardoor “geheel weggevaagd”.
De Nederlandse zaak staat niet op zichzelf. Voor hetzelfde vergrijp trof Credit Suisse eerder schikkingen in de Verenigde Staten – $2,6 miljard in 2014 en $511 miljoen in 2025 – en in Frankrijk, waar de bank in 2022 €238 miljoen betaalde voor belastingfraude en witwassen. In de berichtgeving over de Nederlandse schikking ontbreekt een reactie van UBS of Credit Suisse.
