Veel Europeanen kijken op tegen kosten voor verduurzaming woonhuis

30 oktober 2018 Banken.nl

Volgens onderzoek van ING wil de meerderheid van de Europeanen graag investeren in een duurzamere woning, maar ontbeert het regelmatig aan de middelen. Zeven op de tien Europeanen wil de druk op het milieu verlagen, maar bijna de helft (47%) geeft aan hier onvoldoende middelen voor beschikbaar te hebben. Ruim acht op de tien Europeanen denkt dat subsidiëring een goed hulpmiddel is.

Moderne huizen zijn een stuk energiezuiniger dan huizen van enkele tientallen jaren terug. Ze houden ‘s zomers de warmte beter buiten en ‘s winters de warmte beter binnen. Ze verbruiken minder energie voor respectievelijk verkoeling of verwarming. Nu wordt er weliswaar flink gebouwd in Nederland en in andere delen van Europa, maar de overgrote meerderheid van de huizen is simpelweg tientallen jaren en in veel steden zelfs enkele honderden jaren oud. Minder energiezuinig dus.

In een tijd waarin veel aandacht is voor de gevolgen van klimaatverandering en het verlagen van de (milieu)druk op de omgeving zijn veel consumenten bereid om hun bestaande woning te verduurzamen. Bijvoorbeeld door het plaatsen van zonnepanelen, plaatsen van kunststof kozijnen of dubbel glas. Volgens internationaal onderzoek van ING is er veel interesse, maar is het financieel niet voor iedereen haalbaar. Zeven op de tien Europeanen wil graag de druk op het milieu minimaliseren, maar de helft geeft aan meer te kunnen doen. Bijna de helft (47%) daar weer van kan het echter niet betalen. Nog een kwart zou het misschien wel kunnen betalen, maar weet niet goed waar te beginnen. Hun ontbreekt het aan voldoende kennis of informatie.

Veel consumenten willen verduurzamen, maar kijken op tegen kosten

Volgens ING geeft in totaal 55% van de Europeanen aan meer te kunnen doen. Daar zitten verspreid over de landen echter opmerkelijke verschillen in. Een voorbeeld: van de Duitsers geeft 35% aan meer te kunnen doen, van de Nederlanders 38%. Op basis van die cijfers zou je kunnen concluderen dat de markt voor verduurzaming van vastgoed in die landen al wat verder ontwikkeld is.

Perceptie van drempel verlagen

ING benadrukt dat geld uitgeven aan verduurzaming een investering is. De aanvangskosten liggen soms hoog, waardoor het jaren kan duren voor een investering zich terugbetaalt. Of soms zelfs pas als het huis verkocht wordt. Daar komen echter lagere maandelijkse energielasten voor terug en daarbij een stukje wooncomfort. De bank ijvert voor lagere kosten vooraf, bijvoorbeeld door subsidiëring. “Door hoge kosten van langetermijninvesteringen vooraf te reduceren voelen deze als beter haalbaar en beschouwen consumenten een financiële drempel als minder hoog. Wanneer een doel sneller en beter haalbaar wordt geacht zijn mensen sneller geneigd om te investeren”, legt Jessica Exton uit, gedragswetenschapper in dienst van ING.

Het mag niet heel verrassend zijn dat 82% van de 15.000 ondervraagde Europeanen wel brood ziet in subsidies voor verduurzaming van woonhuizen. “Verduurzaming van woonhuizen draagt niet alleen bij aan een maatschappij met minder uitstoot van broeikasgassen. Het kan ook bijdragen aan maandelijks beter rond kunnen komen door geld te besparen op de energienota”, aldus Sandra Schoonhoven, Global Head of Sustainability Programmes bij ING. “Het zijn de aanvangskosten die velen als een obstakel zien om te vergroenen. Het onderzoek van ING zou daarom bedrijven moeten aanmoedigen om te investeren in duurzame initiatieven waar iedereen de vruchten van plukt.”

Lees ook:
NVB ziet voldoende financieringsruimte voor verduurzaming gebouwde ruimte 

Nieuws

×

Meer nieuws over