ABN AMRO: zelfs bij ‘zachte brexit’ €4,5 miljard economische schade

20 november 2020 Banken.nl

Afhankelijk van hoe ‘zacht’ of hoe ‘hard’ de brexit gaat zijn kan de economische schade voor Nederland oplopen van €4,5 miljard tot ruim €17,5 miljard. Dat stelt ABN AMRO in een rapport over de naderende scheiding. Die schade komt hoofdzakelijk voort uit extra handelsbelemmeringen, zoals grenscontroles, files bij de douane en extra administratie. Een harde brexit kan bovendien leiden tot het moeten betalen van invoerrechten. 

Men zou het bijna vergeten vanwege de aandacht die Covid-19 het afgelopen jaar heeft opgeslokt, maar op de achtergrond speelt nog steeds het vertrek van het Verenigd Koninkrijk uit de EU. Sinds 31 januari 2020 is het VK formeel geen lid meer van de EU, maar tot 31 december 2020 gelden voor de Britten bij wijze van overgangsperiode nog wel alle wetten en regels van het statengenootschap. 

Met ingang van 2021 is het aan het VK en de EU om nieuwe verdragen op te gaan stellen met elkaar. Dat zullen vermoedelijk multilaterale verdragen gaan worden, maar het is niet uit te sluiten dat zij ook een bilateraal karakter krijgen. Dat wil zeggen, het VK kan verdragen sluiten met de EU als geheel óf met de afzonderlijke lidstaten apart. 

Vrijhandelsverdrag waarschijnlijk

In een nieuw rapport geeft ABN AMRO aan te rekenen op een vrijhandelsverdrag, wat de meest zachte vorm van een brexit zou betekenen. Zelfs dan kost het de Nederlandse economie zo’n €4,5 miljard gekoppeld aan ongeveer 17.000 banen. Deze schade komt voort uit handelsbelemmeringen, die ondanks een verondersteld vrijhandelsverdrag zullen optreden. Grenscontroles, files bij de douane en de administratie daaromheen kosten stuk voor stuk tijd en dus geld. Ook kunnen zij invloed hebben op de vraag. 

Een bedrag van €4,5 miljard klinkt niet eens als heel veel, het komt overeen met 0,7% van het Nederlandse bbp. Het andere uiterste – in het geval van een keiharde brexit – is een kostenpost van maar liefst €17,5 miljard en dan praat je al bijna over 3% van het Nederlandse bbp. Dat is normaal al een gevoelige som geld, maar des te meer in een tijd waarin Nederland zich moet herstellen van de coronacrisis. Een tijd waarin alle beetjes zijn meegenomen. 

Exporteurs het hardst geraakt

Welk type bedrijven krijgt het meeste te lijden? In de eerste plaats exporteurs van machines, chemische producten en voeding. Zij doen veel zaken met Britse afnemers. Wat betreft die machines, daar zit nog een extra internationaal component aan, want bijvoorbeeld een afname van de vraag naar Duitse auto's of machinerie kan ook Nederlandse toeleveranciers weer raken. 

“Hoewel we verwachten dat het Verenigd Koninkrijk en de EU tot een vrijhandelsakkoord komen, is de schade voor het Nederlandse ook bij een zachte brexit bedrijfsleven aanzienlijk. Een aantal factoren kan deze schade de komende jaren echter lager doen uitvallen”, zegt Sonny Duijn, Sector Econoom Thema’s van ABN AMRO. 

Een voorbeeld van zo’n factor is wanneer Nederlandse bedrijven om marktaandeel concurreren met Britse bedrijven óp het vasteland. Zakendoen met een Nederlands bedrijf wordt immers relatief makkelijker dan met een Brits bedrijf. Ook levert de brexit directe werkgelegenheid op, bijvoorbeeld voor dienstverleners. “Zo kunnen grenscontroles tot juridische claims leiden als handelswaar bederft door oponthoud. Voor de komende weken zijn – voor zover nog niet getroffen – een aantal praktische voorbereidingen voor bedrijven erg belangrijk, zeker nu het einde van de overgangsperiode in zicht komt.” 

Lees ook:
Britse bankier verdient in Nederland ton meer na brexit, dankzij expatregeling 

Nieuws

×

Meer nieuws over