common.title.more

Universele Bank

Een universele bank is een bank met een breed assortiment producten en diensten voor diverse groepen klanten. Deze banken kennen producten en diensten van een Retail, Private, Commercial en Investment Bank. De vier grote Nederlandse banken zijn universele banken.

In Amerika was het van 1933 tot 1999 voor banken verboden om zowel Retail als Investment Bank activiteiten te combineren binnen één concern (Glass-Steagall Wet). De Gramm-Leach-Bliley Act uit 1999 maakte een einde aan deze scheiding. Het directe gevolg hiervan was dat banken diverse bankactiviteiten gingen bundelen in één concern en daardoor enorm in omvang toenamen. Een ander resultaat van het opheffen van deze scheiding was een verkleining van de verschillen tussen banken. Banken gingen steeds meer op elkaar lijken omdat banken dezelfde activiteiten aanboden.

Anders dan in Amerika is in Europa geen sprake geweest van specifieke regelgeving voor het oprichten van universele banken. In Nederland functioneerden banken daarom al eerder als universele bank.

Met Investment Bank activiteiten was in de jaren negentig veel geld te verdienen. Dit was de reden voor banken om in deze jaren de nadruk te leggen op deze bankactiviteiten die gericht waren op het handelen voor eigen rekening. Door het streven naar winstmaximalisatie zijn door universele banken hoge risico’s genomen. De hoogte van de risico’s was vaak lastig te doorgronden door de hoge complexiteit van bepaalde financiële constructies.

Toen bleek dat de waarde van deze investeringen veel lager was dan gedacht moesten banken hun verliezen nemen. In de kredietcrisis is gebleken dat deze verliezen negatieve gevolgen hadden voor de maatschappij noodzakelijke bankactiviteiten (nutsbank). De grote universeel banken, ook wel systeembanken genoemd, waren inmiddels zo essentieel voor het financiële systeem en daarmee het functioneren van de economie en maatschappij dat zij met overheidsgeld gered moesten worden. De universele banken waren To Big Too Fail.

Naar aanleiding van de kredietcrisis is wederom de discussie ontstaan om Retail- en Investment Bank activiteiten te scheiden.