De Nederlandse Vereniging van Banken roept de Europese Unie op om banken op korte termijn meer ruimte te geven om de groeiende investeringsbehoefte van Europa te financieren. Volgens de branchevereniging zijn gerichte aanpassingen in de regelgeving nodig om het concurrentievermogen van Europese banken te versterken en de kredietverlening aan bedrijven te ondersteunen.
De oproep volgt op een mededeling van de Europese Commissie over de concurrentiepositie van Europese banken.
Volgens de NVB is de noodzaak om investeringen te financieren de afgelopen periode verder toegenomen. Waar voormalig ECB-president Mario Draghi eerder uitging van een jaarlijkse investeringsbehoefte van €800 miljard, schat adviesbureau Oliver Wyman dat dit inmiddels is opgelopen tot circa €1.400 miljard per jaar.
Deze investeringen zijn volgens de brancheorganisatie noodzakelijk om de Europese economie concurrerender te maken, de energietransitie te versnellen en de strategische autonomie van Europa te versterken.
Banken vervullen sleutelrol
Op de langere termijn ziet de NVB de verdere ontwikkeling van een Europese kapitaalmarktunie en de voltooiing van de Bankenunie als belangrijke structurele oplossingen. Op de korte termijn blijft echter vooral de bancaire sector cruciaal voor de financiering van bedrijven.
Naar schatting wordt in Europa 70 tot 80 procent van de bedrijfsfinanciering verstrekt door banken. Met name het midden- en kleinbedrijf en ondernemingen zonder directe toegang tot de kapitaalmarkt zijn afhankelijk van bancaire kredietverlening. Als banken minder ruimte hebben om te financieren, raakt dat direct het investeringsvermogen van de Europese economie.
Volgens NVB-directeur Eelco Dubbeling bevat het rapport van de Europese Commissie waardevolle aanknopingspunten voor hervormingen op de langere termijn, maar zijn ook op korte termijn maatregelen nodig om banken beter in staat te stellen de reële economie te financieren.
Balans tussen weerbaarheid en kredietverlening
De NVB benadrukt dat solide kapitaalbuffers en financiële stabiliteit onverminderd belangrijk blijven. Tegelijkertijd pleit de vereniging voor een betere balans tussen prudentiële regelgeving en de ruimte voor banken om investeringen van bedrijven te financieren.
Volgens Dubbeling leiden sommige regels ertoe dat kredietverlening onnodig wordt bemoeilijkt. Zo wijst hij erop dat mkb-bedrijven soms lastiger een lening kunnen krijgen omdat zij niet beschikken over een externe kredietrating. Ook noemt hij de wijze waarop bepaalde activa, zoals schepen, worden meegewogen als onderpand bij financieringen.
“Zulke knelpunten kunnen op korte termijn worden aangepakt, zonder afbreuk te doen aan financiële stabiliteit. Ik hoop dat het Nederlandse kabinet zich daar in Brussel krachtig voor inzet”, aldus Dubbeling.