Verzekeraar a.s.r. heeft historisch onderzoek gepubliceerd waaruit blijkt dat haar rechtsvoorgangers betrokken waren bij het koloniale- en slavernijsysteem. Zij verzekerden slavenschepen, koloniale goederenstromen en handelsbelangen die direct met slavernij en dwangarbeid verbonden waren. CEO Ingrid de Swart biedt daarvoor namens a.s.r. excuses aan.
Het onderzoek werd tussen 2023 en 2026 uitgevoerd door historisch onderzoeksbureau Stad en Bedrijf. Centraal staat de oudste rechtsvoorganger: de Maatschappij van Assurantie, Discontering en Beleening der Stad Rotterdam, opgericht in 1720 en de oudste verzekeraar van het Europese vasteland.
Verzekeraar van slavenschepen
Tussen 1720 en 1802 sloot Stad Rotterdam in totaal 236 verzekeringen op 167 transporten van tot slaaf gemaakte mensen. Als verzekeraar stelde het bedrijf grote en kleine slavenhandelaren in staat hun financiële risico’s te beperken – een voorwaarde om de kostbare en gevaarlijke reizen überhaupt te kunnen ondernemen.
Volgens de onderzoekers ging het niet om incidentele betrokkenheid: de verzekeraar maakte deel uit van het systeem van slavenhandel en verdiende aan de uitbuiting van tot slaaf gemaakte mensen. De bevindingen berusten onder meer op een dataset van ruim 11.000 verzekeringen die Stad Rotterdam tussen 1720 en 1874 sloot.
Verweven met het cultuurstelsel
Het onderzoek beschrijft ook de banden met het koloniale systeem in wat nu Indonesië is. Vier andere rechtsvoorgangers van a.s.r. waren tot ver in de negentiende eeuw verbonden met het cultuurstelsel en betrokken bij de handel in opium en bij dwangarbeid op koffie- en suikerlocaties.
“Het onderzoek geeft inzicht in een pijnlijke bladzijde uit onze geschiedenis”, zegt De Swart. “Onze rechtsvoorgangers hebben bijgedragen aan een systeem dat zóveel mensen ernstig onrecht heeft aangedaan. a.s.r. biedt hiervoor haar excuses aan. Wij zien ons verleden onder ogen en nemen onze morele verantwoordelijkheid voor de betekenis daarvan in het heden en de toekomst.”
Het rapport werd aangeboden aan De Swart en oud-CEO Jos Baeten, die destijds opdracht gaf voor het onderzoek. a.s.r. ziet de publicatie als een startpunt voor verdere dialoog en onderzoek naar de vraag hoe de excuses betekenisvol kunnen worden ingevuld, en organiseert de komende periode dialoogsessies met betrokkenen.
Eerder erkenden ook andere spelers in de Nederlandse financiële sector, waaronder De Nederlandsche Bank en ABN AMRO, hun betrokkenheid bij het slavernijverleden.