Rabobank: Actie nodig van verwerkers van varkensvlees

06 oktober 2015 Banken.nl 2 min. leestijd

Nederlandse verwerkers van varkensvlees moeten stevig aan de slag om hun concurrentiepositie veilig te stellen. Dat schrijven sectorspecialisten van de Rabobank. De marktomstandigheden zijn bijzonder uitdagend en zullen dat de komende jaren blijven. Kritische consumenten, prijsbewuste retailers en de bestaande overcapaciteit leiden tot krappe marges voor de vleesverwerkende sector. De recente daling van de marges – met 0,7% tot 3,0% – is echter niet evenredig verdeeld over alle spelers, stelt Albert Vernooij, analist bij de Rabo.

De goeden onderscheiden zich van de slechten

“Opvallend is dat de daling in de marges volledig voor rekening komt van de slechtst presterende bedrijven in de markt. Bij die groep verwerkende bedrijven is de marge sinds 2007 gehalveerd tot 1,6% in 2013. Bij de rest van de verwerkers ging het in dezelfde periode veel beter. Zij komen uit op marges tussen de 5% en 6%. Er is een duidelijke tweedeling te zien.” Er zijn volgens Vernooij vijf factoren waarop de goed presterende bedrijven zich onderscheiden: kostenefficiëntie, toegang tot goed geprijsde grondstoffen, investeringen in innovatie en herstructurering, een duidelijke marktstrategie en directe toegang tot de retail en foodservice, waarmee ze hun toegevoegde waarde voor die partijen verhogen.

Strategische koers: Kostenbewustzijn en operationele efficiency

Om over tien jaar nog actief te zijn zullen in het bijzonder de slecht presenterende bedrijven een duidelijke strategische keuze moeten maken. De meest logische optie is daarbij het verlagen van de kostprijs door kostenbewustzijn en het verbeteren van de operationele efficiency. Een andere keuze is het optimaliseren van de capaciteitsbenutting door het sluiten van locaties. Er liggen ook kansen in het deelnemen in een specifieke keten. Dat heeft als voordeel dat (een gedeelte van) de aan- en verkoop gegarandeerd is, en dat er meestal een betere verdeling van de risico’s en beloning tussen de partijen is.

Onderscheidende concepten en positionering

Vernooij: “Alleen hopen op betere marktomstandigheden is voor de slecht presterende bedrijven in de verwerkende sector voor varkensvlees in elk geval geen optie. De omstandigheden blijven voorlopig lastig, want de productie stijgt sneller dan de vraag, terwijl er in Europa al ongeveer 10-15% overcapaciteit is. Bovendien gaan retailers anders inkopen. Zij letten op specifieke productkarakteristieken met betrekking tot dierenwelzijn en smaak en creëren daarin onderscheidende concepten om de bewuste consument aan te spreken. Dat biedt ook weer kansen voor wie zich erbij weet aan te sluiten.” Niet alleen verwerkers van varkensvlees moeten zich volgens de Rabo beraden op hun strategie, ook varkenshouders doen er goed aan zich goed te positioneren in het veranderende krachtenveld. De positie in de keten is daarbij belangrijk, net als de keuze om al dan niet aan te sluiten bij een bepaald vleesconcept en daarin samen te werken met ketenpartners.