De regie over je eigen leven: Hoe het ING Nederland fonds zich inzet voor een inclusieve economie en samenleving

26 januari 2024 Banken.nl 8 min. leestijd

Het ING Nederland fonds zet zich in voor een inclusieve economie en samenleving. “Ons doel is dat mensen de regie kunnen nemen over hun eigen leven”, vertelt directeur Nicole van de Hoeve. Daartoe ondersteunt het fonds maatschappelijke ondernemers – met financiering, maar net zo belangrijk zijn de kennis en het netwerk dat ING biedt. We spraken erover met Van de Hoeve.

“Waar wil je om herinnerd worden?” Deze vraag stelde Nicole van de Hoeve gedurende haar carrière regelmatig aan bestuurders en ondernemers. “Ik zat zelf in een aantal besturen en vond het mooi om mensen daarover te laten nadenken: als je straks stopt, wat wil je dan achterlaten?”

En hoewel die mensen natuurlijk graag een succesvol bedrijf wilden neerzetten, was dat meestal níet waar ze op uitkwamen. “Als je blijft doorvragen, blijkt het uiteindelijk om heel andere dingen te gaan. De meeste mensen willen de maatschappij een beetje mooier maken – iets positiefs teweegbrengen.”

Zelf werkte Van de Hoeve zo ongeveer haar hele loopbaan in de bankensector – eerst bij ABN AMRO, toen bij Staalbankiers en sinds 2016 bij ING. Daar begon ze als private banker voor goede doelen en DGA’s. En hoe meer ondernemers ze sprak, hoe belangrijker maatschappelijke impact maken werd in haar eigen werk.

Sinds ruim anderhalf jaar staat het centraal in alles wat ze doet. “Ik heb nu de eervolle taak om leiding te geven aan het ING Nederland fonds, de corporate foundation van ING. Hiermee nemen we als grote bank onze verantwoordelijkheid door ons in te zetten voor een Nederland waarin mensen de regie kunnen nemen over hun eigen leven.”

Om deze grootse, maar daarmee ook wat abstracte missie, iets tastbaarder te maken, heeft het fonds bij de oprichting in 2015 drie deelthema’s gekozen. “We zetten ons ervoor in dat iedereen een gelijke kans krijgt op werk,  dat iedereen digitaal mee kan doen en tot slot financiële gezondheid en zelfredzaamheid”, vertelt Van de Hoeve.

Financiering, kennis en netwerk

In het realiseren van impact binnen die drie thema’s werkt het fonds vanuit een hele duidelijke visie. “We geloven in de kracht van samenwerking. Voor onze strategie betekent dat concreet dat we de aansluiting zoeken bij veelbelovende initiatieven van maatschappelijk ondernemers, en die helpen we opschalen.”

Zoals je mag verwachten van een bank, doet het fonds dat ten eerste met geld. “Daarbij zetten we in op langdurige financiering – hetzij in de vorm van donaties, hetzij in de vorm van leningen. Dat doen we heel bewust: zo’n meerjarenfinanciering geeft rust. Je hoeft je als organisatie niet af te vragen: ‘Krijgen we volgend jaar weer budget? Kan ik wel mensen in vaste dienst nemen?’”

Het gaat echter niet alléén om geld. “Opschalen vraagt om veel meer, zoals de juiste skills. We hebben een academy waarmee we trainingen en advies bieden, denk bijvoorbeeld aan een cursus ‘finance for non-financials’ of kennissessies over actuele thema’s.”

“Wanneer een onderneming op eigen benen kan staan, stroomt ze uit.”

En ten derde biedt het fonds toegang tot het brede netwerk van ING. “Daarin spelen de vele consultants die we hebben bij ING een belangrijke rol – van Black Belts tot future architects en nog veel meer. Die gaan samen met zo’n onderneming kijken: Wat wil je bereiken en hoe kun je daar komen? Ze geven advies op maat rond thema’s als strategie, organisatieontwikkeling of impact meten.”

De Club van 25

De ondernemingen die door het ING Nederland fonds worden ondersteund vormen samen de ‘Club van 25’. Waar deze club logischerwijs telkens 25 ondernemingen telt, verandert de samenstelling gaandeweg.

“Wanneer een onderneming op eigen benen kan staan, stroomt ze uit”, licht Van de Hoeve toe. “En aan de andere kant kijken we voortdurend naar nieuwe veelbelovende startups.”

Een mooi voorbeeld van een geslaagd initiatief is NewBees. “Zij helpen nieuwkomers – vluchtelingen die in Nederland mogen blijven – met het vinden van werk én een plek in de samenleving. Stel dat vrouwen met een Islamitische achtergrond in hun land van herkomst niet mochten werken maar dat hier wel willen doen, dan helpen zij hen die de drempel over – bijvoorbeeld door ze eerst eens koffie te laten schenken in een bejaardentehuis.”

Omdat het zo goed gaat, zal het fonds eind volgend jaar afscheid nemen van NewBees. “Dat is ergens altijd moeilijk, maar ook juist mooi – het betekent dat ze het goed doen.”

Hoelang een onderneming deel uitmaakt van de Club van 25 verschil per geval. “Dat is heel bewust”, geeft Van de Hoeve aan. “Het hangt helemaal van de individuele omstandigheden af.”

“Neem Over Rood, een vrijwilligersorganisatie die zzp’ers in financiële nood ondersteunt. Zij bestaan al sinds 2012, maar sinds de coronacrisis hebben zóveel ondernemers problemen dat ook Over Rood voorlopig nog alle ondersteuning vanuit ons kan gebruiken.”

De vijver groter maken

Vanuit het geloof in de kracht van samenwerking, brengt het ING Nederland fonds ook maatschappelijke ondernemers met elkaar in contact. “Samen bereik je natuurlijk meer, dus proberen we ondernemers aan elkaar te verbinden als we denken dat ze elkaar kunnen versterken en van elkaar kunnen leren”, licht Van de Hoeve toe.

“We zien het echt als een gezamenlijke missie: samen maken we de vijver groter.”

En ook zelf zoekt het ING Nederland fonds nadrukkelijk de samenwerking op met andere (corporate) fondsen. “Binnen onze pijler ‘gelijke kansen op werk’ zitten we bijvoorbeeld in een informeel overleg met onder andere Goldsmeding en Start Foundation. Samen kijken we: Wat werkt nou wel en wat niet? En hoe kunnen we dit met elkaar tot een succes maken?”

Van de Hoeve benadrukt dat concurrentie geen rol speelt tussen de fondsen van (bijvoorbeeld) de verschillende grootbanken. “We zien het echt als een gezamenlijke missie: samen maken we de vijver groter.”

Risico’s nemen

Bovendien, zo geeft ze aan, kunnen deze corporate fondsen een unieke rol spelen binnen de filantropische sector – niet zozeer door de hoeveelheid geld die ze bijdragen, maar vooral in de manier waaróp ze dat kunnen inzetten.

“Jaarlijks wordt in Nederland in totaal zo’n €5,5 miljard aan goede doelen geschonken – dan gaat het over particulieren, bedrijven en fondsen samen. Corporate fondsen zijn goed voor 7% daarvan”, schetst Van de Hoeve.

“Dat lijkt wellicht weinig, maar foundations kunnen als enige echt risicofinancieringen aangaan”, legt ze uit. “Anders dan bijvoorbeeld fondsenwervende organisaties hoeven we geen rekenschap af te leggen aan donateurs, dus kunnen we startups en scale-ups veel beter ondersteunen – en dat is essentieel om maatschappelijk waardevolle innovatie aan te jagen.”

Mooiste baan óóit

Al met al geniet Van de Hoeve iedere dag van de impact die ze met het fonds kan maken. Ze is dan ook maar wat blij dat ze ruim anderhalf jaar geleden uiteindelijk besloot de directeursrol te accepteren.

“Het was best grappig”, blikt ze terug. “Want toen ik werd gevraagd zei ik in eerste instantie: ‘Nee, ik laat mijn klanten niet in de steek.’ Maar ik ben alsnog overstag gegaan en gelukkig maar – ik moet er niet aan denken dat ik de mooiste baan óóit had laten schieten.”

“Zo’n 30% van de toeslagen voor mensen rond de armoedegrens wordt niet gebruikt.”

En hoe zou ze die ene vraag die ze anderen zo vaak stelde zelf beantwoorden? – waar wil Van de Hoeve om worden herinnerd als ze straks klaar is als directeur? “Wat ik het liefst zou willen is dat we met het ING Nederland fonds binnen ons vakgebied echte systeemverandering kunnen creëren”, antwoordt ze gedecideerd.

Systeemverandering

Ter illustratie wijst ze op het Nederlandse toeslagenstelsel. “Voor mensen rond de armoedegrens zijn binnen gemeenten allerlei toeslagen beschikbaar. Maar een deel daarvan – zo’n 30% – wordt niet gebruikt. Mensen vinden het eng of weten door de wirwar aan regelingen niet waar ze terecht kunnen.”

De Voorzieningenwijzer – lid van de Club van 25 – bedacht hier iets op. “Zij hebben de voorzieningen in kaart gebracht voor alle 342 gemeenten en dat samengebracht op een platform. Daarmee hebben ze vorig jaar alleen al online bijna 260.000 huishoudens bereikt, en dat scheelt die huishoudens per jaar ruim €460. In totaal is dat ongeveer €120 miljoen extra geld voor huishoudens – geld dat anders gewoon blijft liggen. Kijk, dát zijn nou systeemverbeteringen waar ik heel gelukkig van word.”

Terugkomend op wat ze zelf dan concreet zou willen achterlaten, ziet Van de Hoeve een platform voor zich dat ditzelfde principe toepast op een veel hoger niveau. “We hebben zóveel in Nederland, maar lang niet iedereen weet het te vinden. En waar je voor in aanmerking komt verschilt per geval: Ben je mantelzorger? Of zzp’er? Lig je in echtscheiding? Ga zo maar door.”

“Wat ik het liefst zou zien is één duidelijke plek waar iedere Nederlander kan aangeven: ‘Dit is mijn persoonlijke situatie’, en dat het platform dan precies uitlegt waarvoor je in aanmerking komt en je dat ook makkelijk vanuit daar kunt regelen – een soort marktplaats voor financiële gezondheid. Daarmee creëer je echt een waardevolle systeeminterventie.”

Kortom: wordt vervolgd, zo lijkt het…