De positie van alleenstaande starters op de woningmarkt is in een jaar tijd iets verbeterd, al moet dat voorbehoud meteen worden genuanceerd. De gemiddelde beoordeling van hun eigen koopkansen steeg van een 4,1 naar een 4,5 op tien. Een onvoldoende, zij het een iets minder lage, zo blijkt uit de nieuwste Woontoegankelijkheidsmonitor van ASN Bank.
Ongeveer vier op de tien starters op de woningmarkt is alleenstaand, en deze groep heeft al jaren de zwakste uitgangspositie. De lichte verbetering in stemming schrijft ASN Bank toe aan een toegenomen woningaanbod, dankzij de zogenaamde ‘uitpond-golf’. Door de Wet betaalbare huur en fiscale wijzigingen verkopen beleggers hun panden in recordtempo: in Q4 2025 kwamen er ruim 20.700 woningen op de markt die voorheen werden verhuurd.
“Juist deze woningen zijn qua prijs en type geschikt voor de alleenstaande starter”, zegt Nora Toolens (marktonderzoeker bij ASN Bank). “Zo gaat het bij 70% om appartementen, waarvan 60% een woonoppervlak heeft kleiner dan 70m2. Een gunstige ontwikkeling voor deze groep.”
Wensen bijgesteld
De iets optimistischere stemming heeft een keerzijde: meer alleenstaande starters verlagen hun lat. Dit kwartaal heeft 41% de woonwensen bijgesteld, tegenover 37% een jaar geleden. Zo zoekt 22% naar een kleinere woning, heeft 23% concessies gedaan op de staat van de woning of het zoekgebied, en zoekt een op de tien nu in een hogere prijsklasse dan oorspronkelijk beoogd. De markt beweegt nauwelijks; de starter beweegt mee.
Onder starters in het algemeen – goed voor 42% van alle woningzoekenden – wil de helft in de eigen woonplaats blijven. Een kwart is bereid naar een andere gemeente te trekken. De populairste uitwijksteden dit kwartaal zijn Amersfoort, Eindhoven, Zwolle, Almere, Arnhem en Barneveld.