MiFID II en vakbekwaamheid: verandert alles of niets?

10 juli 2017 Banken.nl

MiFID II treedt in werking op 3 januari 2018. Daar is veel over te doen. Financiële dienstverleners worden bestookt met nieuwsbrieven die ons tot actie aanzetten. Het valt me op dat ze inspelen op angst, aldus Prof. dr. Rob Schotsman (UvA en NIBESVV). In onderstaande blog gaat Rob Schotsman in op wat er nu wel en wat niet verandert door de komst van MiFID II.

Wat is de impact van MiFID II voor banken en andere beleggingsondernemingen die beleggingsdiensten verlenen? Ik zou die vraag als volgt willen beantwoorden: Er verandert niets: op het terrein van vakbekwaamheid is er niet zo veel nieuws onder de zon. Ook onder MiFID I die november 2007 van kracht werd is vakbekwaamheid een wettelijke norm. Vakbekwaam moeten alle medewerkers al zijn! Al sinds jaar en dag. Goede bankiers en andere goede beleggingsondernemingen geven nu al een passend advies en duidelijke informatie aan hun klanten gegeven door deskundige medewerkers.

Er verandert echter ook veel: wat wel anders is, is dat onder MiFID II vakbekwaamheid van medewerkers die in het kader van het verlenen van een beleggingsdienst klanten informeren of adviseren moeten voldoen aan criteria die de Europese toezichthouder voor effectenmarkten en beleggingsondernemingen (ESMA) heeft opgesteld. Deze criteria worden nu uitgewerkt door AFM en DSI.

MIFID IIOns advies

Ons advies is eerst maar eens af te wachten waar de AFM en DSI mee komen. Wat gaan zij doen met de ESMA criteria? Een eigen uitleg en interpretatie van beide organisaties kan betekenen dat banken (en andere beleggingsondernemingen) inderdaad aan de bak moeten. Maar het kan ook zijn dat banken een eigen koers gaan varen uiteraard voorzover die koers gelijkwaardig is. MiFID II laat dat immers toe.

Goede voorlichting
Ik wil u graag in volgende columns en nieuwsbrieven informeren over MiFID II. Per slot van rekening gaat het ons om de goede voorlichting.

Achtergrond

Hierna informeer ik u nader over een aantal MiFID zaken en lichten we de achtergrond en context van de vakbekwaamheidseisen toe. Allereerst: wat is MiFID? MiFID is een Europese richtlijn voor markten in financiële instrumenten die eisen stelt aan (bank)beleggingsondernemingen op het vlak van bedrijfsvoering, zorgplicht en vakbekwaamheid. Waarom stelt MiFID al sinds 2007 een vakbekwaamheidseis? De reden is dat financiële instrumenten zoals aandelen, obligaties, beleggingsfondsen, derivaten zoals opties en futures complex zijn.

Wat zegt MiFID II over vakbekwaamheid?
Belangrijk hierbij is de kaderrichtlijn. In Overweging 79 MiFID II leest u het volgende: (79) Vanwege de complexiteit van beleggingsproducten en de voortdurende vernieuwingen waaraan zij zijn onderworpen is het ook belangrijk te waarborgen dat werknemers die aan niet-professionele cliënten adviezen over beleggingsproducten verstrekken of deze verkopen, over voldoende kennis en bekwaamheid beschikken met betrekking tot de aangeboden producten. Beleggingsondernemingen dienen hun personeel voldoende tijd en middelen te geven om deze kennis en bekwaamheid te verwerven en deze te gebruiken bij de dienstverstrekking aan cliënten.

Kortom: het vakbekwaamheidsbouwwerk heeft dus betrekking op product- en cliënt kennis en ziet met name op werknemers die niet-professionele klanten adviseren of informeren waaronder beleggingsadviseurs, vermogensbeheerders en medewerkers van beursorderlijnen.

Waarom juist die klantengroep?
Omdat juist hier sprake is van een kenniskloof vandaar zorgplicht en een gedegen vakkennis bij de medewerker vereist is aldus de MiFID.

Van vakbekwame medewerkers wordt onder MiFID II verwacht dat zij voldoen aan de bepalingen uit de artikelen 24 en 25 van de MiFID II richtlijn en die bepalingen zien op:

  • De generieke zorgplicht (MiFID art. 24 (1));
  • De productzorgplicht (24 (2));
  • De correcte, duidelijke en niet misleidende informatie (24 (3));
  • De positie beleggingsonderneming (24 (4));
  • Wel/ geen onafhankelijk advies?;
  • Brede of beperkte analyse?;  
  • Doorlopende zorgplicht?;
  • De kostentransparantie (24 (4));  
  • Het klantprofiel en geschiktheidstoets (25 (2)); en
  • De passendheidtoets (25 (3)).

Invoering

Hoe wordt de vakbekwaamheidseis van MiFID II in Nederland in de Wft geïmplementeerd? Wat opvalt is dat de wetgever vindt dat alle medewerkers moeten laten zien dat ze vakbekwaam zijn ongeacht het type klant. De nadere regels worden gerelateerd aan de ESMA criteria. DSI wordt aangemerkt als standaardinstituut. Nieuw is dat de beleggingsonderneming moet aantonen dat zijn medewerkers die klanten informeren of adviseren in financiële instrumenten voldoen aan de vakbekwaamheidscriteria van een ministeriële regeling (in ontwikkeling) waarbij wordt aangesloten op de criteria van ESMA (zie de toelichting op het ontwerp Besluit implementatie richtlijn markten voor financiële instrumenten 2014 van april 2017).

Hoe gaat dat in zijn werk?
Door bijvoorbeeld, aldus de wetgever: …certificering van beleggingsadviseurs door een standaardinstituut zoals bijvoorbeeld de Stichting DSI. De standaardinstituten dienen ervoor te zorgen dat de certificeringscriteria minimaal voldoen aan de criteria zoals opgenomen in de genoemde  (ESMA) Richtsnoeren voor de beoordeling van kennis en bekwaamheid (bron: toelichting op het ontwerp Besluit implementatie richtlijn markten voor financiële instrumenten 2014 van april 2017).

De beleggingsonderneming mag ook op andere wijze aantonen dat zijn medewerkers vakbekwaam zijn. Bij het toezicht op de naleving van de vakbekwaamheid kan de Autoriteit Financiële Markten (AFM), gebruik maken van de expertise van dergelijke standaardinstituten om te bepalen of de invulling van de vakbekwaamheid door een beleggingsonderneming voldoet aan de gestelde criteria – aldus de wetgever.

Nationaal Regime

Ik sluit af met het Nationaal Regime waar veel verwarring over is. Dat regime geldt immers alleen voor tussenpersonen die in 2007 te maken kregen met dit regime. Zo konden ze zonder een MiFID vergunning toch beleggingsverzekeringen en beleggingshypotheken verkopen. Thans stelt dit regime hen in staat om een beleggingsfonds te adviseren aan hun klanten. Het Nationaal Regime geldt dus niet voor banken.

Dit artikel van Prof. dr. Rob Schotsman (UvA en NIBESVV) is eerder geplaatst op NIBESVV.nl. Indien gewenst kunt u Rob Schotsman bereiken via rschotsman@nibesvv.nl

Nieuws

Meer nieuws over